Interview: Een liedjesmaker op zoek naar macht

Mijn interview met zanger en kleinkunstenaar Flip Noorman in de nrc.next.

Flip Noorman is halve finalist van het Amsterdams Kleinkunst Festival. Zijn debuutalbum ontstond nadat hij een tijdelijke aangezichtsverlamming kreeg.

EEN LIEDJESMAKER OP ZOEK NAAR MACHT

klik voor groot
klik voor groot

Van kinds af aan is zanger en kleinkunstenaar Flip Noorman (25) gefascineerd door macht. Toen hij namens zijn ouders naar de ouderavond van zijn broertje moest, zag hij „overal apenrotsjes”. „Je zag dat iedere man minimaal één keer iets gezegd wilde hebben. Uiteindelijk gingen ze zelfs vragen herhalen. Of vroegen ze of het kamp van over drie jaar nog wel doorging”.

De rode draad voor Bellse Parese, zijn „verpletterend sterke Nederlandstalige album” volgens tijdschrift OOR, werd juist helder op een moment waarop hij alle macht verloor. In de nachttrein naar zijn woonplaats Rotterdam raakte de linkerhelft van zijn gezicht verlamd. „Ik heb zo’n wiebeltic met mijn neus, maar dat ging ineens nog maar half. En tijdens het knipperen bleef mijn oog hangen.” Hij belde zijn vriendin, arts, om zichzelf gerust te stellen. „Maar zij schrok nog meer dan ik. Toen raakte ik in paniek.” Zijn vriendin ving hem op en er volgde een spoedconsult op het perron.

Al snel bleek het te gaan om de aangezichtsverlamming Bellse Parese, met een grote kans op volledig herstel. Drie weken lang liep Noorman rond met een half verlamd gezicht. „Ik was een freak. Normaal lachten kassameisjes vriendelijk terug, maar nu schrokken ze.” Hij was tijdelijk een man met twee gezichten. In deze gesteldheid paste zijn gezicht perfect bij zijn muziek, waarin hij soms zoeter is dan Boudewijn de Groot, en dan weer rauwer dan de rauwste Tom Waits.

Zijn boosaardige eerste single ‘Ik heb de macht’ ( ‘Ik ben groots maar kleinzielig / Ik win altijd, maar ik win schlemielig’) is tekstueel minder beangstigend dan het romantische ‘Vogels zonder vleugels’ ( ‘Dus buigen bomen voor die man / Hij brengt ons echt geen vrijheid want / Hij snijdt alleen de vleugels af bij vogels / Hij schept mensen zonder mond’).

De jury van het Amsterdams Kleinkunst Festival noemt Noorman een „poëtische machtswellusteling” en vindt hem „thuishoren in het theater”, al staat het poppodium hem ook goed. Zijn optredens zijn altijd vol overgave: hij smijt eerst zijn energie het publiek in, om daarna voor een poëtisch-filosofisch lied de aandacht op te eisen. Het ‘brave’ VPRO-programma Vrije Geluiden schrok hij op door tijdens zijn optreden met een ketting ritmisch in een oude kookpan te slaan.

Hoe gaat het nu met je gezicht?
„Goed, alleen als ik moe ben heb ik soms dezelfde waas als toen. Ik heb er wel een minitrauma aan overgehouden. Het gebeurde vorig jaar toen het ijskoud was, dus nu heb ik een panische reactie op kou. Maar het heeft ook iets moois gebracht. Toen ik het kreeg had ik veel nummers al geschreven, maar hierdoor werden de contouren van het album ineens haarscherp. Het concept was duidelijk, klaar. Het was een duivels geschenk.”

In beide gezichten van je album bezing je de wrede positie van de macht. Waar ligt de macht op dit moment?
„Volgens mij maakt in onze maatschappij iedereen kans om ergens een alfamannetje te worden. Je hebt voetbalclubs, stichtingen en vrijwilligersorganisaties. Je hebt kleine bedrijfjes en daar heb je weer floormanagers. Macht is iets wat iedere man wil. Ik dus ook, ik ben liever alleen dan ondergeschikt. Het is dat ik opgevoed ben met een moraal en een geweten, maar stel nou dat die zouden ontbreken? Ik weet zeker dat ik, als ik met een andere moraal was opgegroeid, dan roekeloos de macht zou grijpen waar ik maar kon.”

Op het podium sta je soms te zwaaien met een ijzeren ketting. Kijk je de wreedheid af bij dictatoriale gekken?
„Theatraal gezien heb ik diep ontzag voor mannen als Gadaffi en Assad. Natuurlijk vind ik het engerds, maar ik vind het boeiend dat mensen ze gehoorzamen. Waarom volg je zo iemand? Het gaat volgens mij niet om inhoud, maar om het charismatisch grommen. In mijn vakgebied zoeken de meesten naar de lach of de traan; ik ben op zoek naar de primitieve emotie, de grom. Ik wil domineren, zodat ik van daaruit kan verrassen.”

Hoe hebben je studies conservatorium en filosofie geholpen bij deze zoektocht?
„Ik ben een slordige muzikant en het conservatorium heeft er nog een klein beetje discipline in weten te brengen. Nu weet ik hoe ik het moet doen als ik iets wil leren op mijn gitaar. De grootste tegenvaller van filosofie was dat al die filosofen niet kunnen schrijven. Het is zo weinig kunstzinnig en zo veel rationeel gelul. Terwijl voor mij filosofie een vorm van literatuur is. Nietzsche is een van de weinigen die dat snapt. Het kan hem niet schelen of het waar is of niet: hij slaat gewoon op dingen en luistert hoe het klinkt. Het interesseert mij niet wat de waarheid is en of het bouwwerk van zinnen en argumenten klopt. Want dat bouwwerk stort op een gegeven moment toch wel weer in.”

‘Alles van waarde zal hoe dan ook vergaan’, zing je op je album.
„Het is een soort lijfspreuk. Aan de ene kant geloof ik nergens in, maar aan de andere kant wil ik niet alles kapot relativeren. Dan zet ik liever, zoals Diederik Samsom zou zeggen, een stip op de horizon en vaar ik daar naartoe. Dan ben je in ieder geval bezig. Mijn stip is nu dat ik vijf jaar geef aan mijn zangcarrière. Dan pas kijk ik terug en moet er een idee zijn hoe ik hiermee geld kan verdienen.”

Zie jij macht als een manier om dat ‘niks’ vorm te geven?
„Als alles toch vergaat, kun je het maar beter naar je eigen hand zetten. Je eigen schepper zijn, je eigen god spelen. De geschifte machthebbers van deze wereld kijken waarschijnlijk ook zo. Zij hebben nog steeds speelgoedmilitairen, alleen zijn die niet van plastic maar van vlees. Zij denken dat zij het goede doen. Dat is precies het enge ervan. Ergens weten ze de moraliteit te verbuigen. Ik vind het interessant om met dit soort gedachtes te spelen, maar uiteindelijk ben ik conventioneel. Ik heb een abonnement op Blijdorp, het liefst zit ik tegenover een neushoorn. Dan kijk ik hem aan en fantaseer ik dat hij denkt: jongen, waar maak je je allemaal zorgen om? Daar word ik rustig van.”

Flip Noorman treedt komende maand onder andere op in Rotterdam, Maastricht, Middenbeemster en Hilversum in de halve finalistentour van het Amsterdams Kleinkunst Festival. Meer (solo)speeldata en het album op flipnoorman.nl.

KADER: Waarom Flip Noorman?

1988 Geboren in Utrecht, opgegroeid in Ulvenhout, onder Breda
2005 – 2007 Zanger van folkpunkband Stuart O`Malley & The Whiskey Gullivers, opgetreden op onder meer festival Breda Barst
2007 – 2011 Studie docent muziek (Codarts Rotterdam)
2009 – 2013 Studie filosofie (Universiteit van Amsterdam)
November 2013 Debuutalbum Bellse Parese

Flip-voorpagina